Afsluiten db(b)c's en prestaties basis-ggz

VERSIE: 1.1 mei release

De overgang van de db(b)c-systematiek en van de bekostiging basis-ggz naar het zorgprestatiemodel vindt plaats door een harde afsluiting. Dit betekent dat op 31 december 2021 alle d(b)bc’s en generalistische basis-ggz prestaties administratief worden afgesloten. Vanaf 1 januari 2022 wordt er volgens het zorgprestatiemodel geregistreerd en gefactureerd. Hiermee wordt in één keer overgestapt van trajecten naar individuele prestaties.

Hard afsluiten betekent dat er niet altijd aan alle NZa-regels kan worden voldaan. De NZa heeft hierover een aparte regeling (NR/REG-2125) gepubliceerd.

Om inzichtelijk te maken bij welke patiënten er sprake is van deze harde afsluiting van het administratieve proces, is een nieuwe afsluitreden geïntroduceerd: “Overgang naar zorgprestatiemodel”.

Afsluiten van db(b)c trajecten

Indien de afsluitreden wordt toegepast hoeft niet aan de in artikel 6 van NR/REG-2125 genoemde regels te worden voldaan die normaal van toepassing zijn bij het “regulier” afsluiten.

Uitzonderingen op afsluitregels db(b)c-traject
bij afsluitreden “Overgang naar zorgprestatiemodel”

Prestaties die zijn afgesloten met de afsluitreden ‘Overgang naar zorgprestatiemodel’ hoeven niet te voldoen aan de onderstaande eisen uit de reguliere regelgeving voorzover dat vanwege de overgang naar het zorgprestatiemodel redelijkerwijs niet mogelijk is:

Voor ggz en fz:

  1. De prestatie bevat 1 minuut directe tijd regiebehandelaar of hoofdbehandelaar.
    Deze uitzondering is mogelijk voor prestaties die zijn geopend vanaf 1 oktober 2021.

  2. Het zorgtype is door regiebehandelaar resp. hoofbehandelaar geregistreerd.
    Het zorgtype moet worden ingevuld maar dat mag ook door een ander persoon dan de regie/hoofdbehandelaar worden gedaan.

  3. De GAF-score bij het sluiten is uniek geregistreerd.
    Bij het sluiten mag de GAF-score op het moment van openen van de db(b)c worden overgenomen.

Voor fz:

  1. De aard van het delict is geregistreerd.
    De aard van het delict hoeft niet vastgelegd te zijn.

  2. De aard en mate van gevaar is geregistreerd.
    De drie velden ‘acuut fysiek gevaar’, ‘vluchtgevaar’ en ‘recidivegevaar’ mogen leeg blijven.

NB. Als het wel redelijkerwijs haalbaar is om te voldoen aan de potentieel uitgezonderde eisen, dan moet de zorgaanbieder wel aan deze eisen voldoen.

De volledige voorwaarden bij deze uitzonderingen staan in artikel 6 van NR/REG-2125.

 

Technische uitwerking in Dbc-pakket

De noodzakelijke technische uitwerking voor het realiseren van de nieuwe afsluitreden, de uitzonderingen en het aanpassen van de validatieregels staat beschreven in: Dbc-pakket 2021 RG21c.

Afsluiten van basis-ggz trajecten

De afsluiting van de basis-ggz vindt plaats op basis van de werkelijk bestede minuten op 31 december 2021. Deze worden afgeleid naar een generalistisch basis-ggz product conform de volgende tabel:

Prestatie

Tijdsgrenzen in minuten

Onvolledig behandeltraject

0-180

Basis ggz kort

181-360

Basis ggz middel

361-600

Basis ggz intensief

601-

De 120-minutengrens voor de prestatie ‘onvolledig behandeltraject’ vervalt. Het generalistische basis-ggz product ‘chronisch’ kan niet worden gedeclareerd voor prestaties die zijn afgesloten met de afsluitreden ‘Overgang naar zorgprestatiemodel’

Schadelastdip

De overstap van trajecten op prestaties per dag heeft eenmalig gevolgen voor de omvang van de schade: in 2021 is er een ‘schadelastdip’. Deze gevolgen staan beschreven in de Factsheet Schadelastdip.

 

Een nieuwe bekostiging voor ggz en fz
In het Programma zorgprestatiemodel werken vertegenwoordigers van de overheid, zorgaanbieders, zorgverzekeraars, EPD-leveranciers en patiënten samen aan de nieuwe bekostiging voor ggz en fz. Dit artikel is tot stand gekomen met behulp van hun kennis en inzichten.

Heeft u zelf een suggestie voor verbetering van de tekst? Neem dan contact op via programma@zorgprestatiemodel.nl.